Verplichting zonne-installaties

De Vlaamse regering besliste dat alle gebouwen met een elektrisch verbruik van meer dan 1 GWh/jaar tegen 30 juni 2025 zonnepanelen dienen te installeren. Voor publieke organisaties geldt deze verplichting reeds vanaf een jaarverbruik van 250 MWh/jaar (verstrengd naar 100 MWh/jaar vanaf 2030).

Deze verplichting geldt voor eigenaars, erfpachters of opstalhouders van gebouwen, in concreto dus het bedrijf/organisatie die de afname van de elektriciteit op zijn naam staan heeft.

Deze PV-installaties kunnen in eigen beheer worden geplaatst, maar kunnen evenzeer door een derde partij worden geplaatst.

In de tabel hieronder zie je de opgelegde verplichte vermogens (bron: VEKA)

stap 1
uiterlijke indienstname
min. 12,5 Wp/m²
stap 2
uiterlijke indienstname
min. 18,75 Wp/m²
stap 3
uiterlijke indienstname
min. 25 Wp/m²
30 juni 20251 januari 20301 januari 2035

Wat kan Energent voor je organisatie of bedrijf betekenen?

  • Analyse bruikbare daken
  • Dimensionering zonne-installatie op maat van je verbruik
  • Financieel voorstel bij financiering door Energent

Rekenvoorbeeld 1: Een sporthal van gemeente X heeft een dakoppervlakte van 12.000 vierkante meter. Er is een verbruik van 600.000 kWh/jaar, of 600 MWh/jaar. Als publieke organisatie is de grens van 250 MWh overschreden.

  • Stap 1: Tegen 30 juni 2025 moet er 12.000 * 12,5 / 1000 = 150 kWp aan zonnepanelen liggen.
  • Stap 2: Tegen 1 januari 2030 moet er 12.000 * 18,75 / 1000 = 225 kWp aan zonnepanelen liggen.
  • Stap 3: Tegen 1 januari 2035 moet er 12.000 * 25 / 1000 = 300 kWp aan zonnepanelen liggen.

Rekenvoorbeeld 2: Bedrijf X heeft een dakoppervlakte van 8.000 vierkante meter. Er is een verbruik van 1.200 MWh/jaar. De grens van 1 GWh/jaar is overschreden.

  • Stap 1: Tegen 30 juni 2025 moet er 8000 * 12,5 / 1000 = 100 kWp aan zonnepanelen liggen.
  • Stap 2: Tegen 1 januari 2030 moet er 8.000 * 18,75 / 1000 = 150 kWp aan zonnepanelen liggen.
  • Stap 3: Tegen 1 januari 2035 moet er 12.000 * 25 / 1000 = 200 kWp aan zonnepanelen liggen.

Verdere raadgevingen:

  • De wet houdt enkel rekening met de horizontale dakoppervlaktes, excl. de lichtvlakken.
  • De wet houdt rekening met alle horizontale dakvlakken (ook de niet-geschikte wegens stabiliteit), de eigenlijke installatie wordt uiteraard gebouwd op de geschikte dakvlakken. Men gaat er van uit dat er steeds 10 à 20% bruikbare dakoppervlakte aanwezig is.
  • Economisch/technisch is het het meest logisch om meteen te kiezen voor de grootst opgelegde installatie.